3.1 jongens en meisjes
De kinderen mochten vrij in het kasteel rondlopen en spelen. Ze liepen de stalknechten in de weg of werden verjaagd uit de keuken als ze weer eens van het eten hadden zitten snoepen. In de zomer konden ze lekker buiten spelen en in de winter zaten ze veel binnen bij het vuur waar hun moeder borduurde en verhalen vertelde. Naast het spelen moesten de kinderen ook wel mee helpen in het huishouden en kregen les. 

De meisjes leren goede manieren en het textielambacht, met name naaien en spinnen. De jongens worden vanaf de leeftijd van 7 jaar naar andere adellijke families gestuurd, waar hun opleiding tot ridder begint. In de periode dat ze page zijn, leren ze net als hun zussen, de kunst van de hoffelijkheid.
Op veertienjarige leeftijd werd men uitgehuwelijkt. Dit lijkt voor onze begrippen heel jong, maar je moet bedenken dat de mensen van toen niet ouder werden dan veertig jaar